Asielzoekers die in Nederland wachten op een beslissing over hun verblijfsvergunning, mogen straks al na drie maanden werken. Nu is dat nog pas na zes maanden.

De nieuwe regel geldt alleen voor mensen die een grote kans hebben om te mogen blijven. Asielzoekers uit zogenoemde veilige landen – die weinig kans maken op een verblijfsvergunning – mogen juist niet meer werken.
Minister Mariëlle Paul (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) zegt dat werken goed is voor asielzoekers én voor de samenleving: “Wie een grote kans heeft om in Nederland te blijven, moet zo snel mogelijk meedoen. Een baan helpt bij integratie en is goed voor onze economie.”
De veranderingen hangen samen met het nieuwe Europese Asiel- en migratiepact, dat op 12 juni 2026 ingaat. Daarmee komt er één gezamenlijk Europees asielsysteem. Ook wordt de oude 24-weken-eis officieel geschrapt. Die regel bepaalde dat asielzoekers maar 24 weken per jaar mochten werken. Sinds die eis in 2023 niet meer wordt toegepast, is het aantal werkvergunningen flink gestegen: van 600 in 2022 naar ruim 16.500 in 2025.
Sneller meedoen
Met de nieuwe regels kunnen asielzoekers sneller aan het werk, wat goed is voor de krappe arbeidsmarkt én de integratie. Werk helpt bij het leren van de taal, het opbouwen van een netwerk en meedoen in de samenleving.
