Sneek – Het Openbaar Ministerie heeft vijftien maanden celstraf geëist tegen een 22-jarige man uit Groningen, waarvan acht maanden voorwaardelijk.

Ook wil het OM dat hij vijf jaar lang geen werk meer mag doen in de zorg of in functies die zijn voorbehouden aan politie, ambulancepersoneel of brandweer. De man wordt verdacht van twintig strafbare feiten tussen 2022 en 2025, waaronder het zich voordoen als ambulancebroeder, politieagent en brandweerman. Een opvallend incident vond plaats tijdens de Sneekweek.
Volgens het OM verleende de verdachte samen met een kompaan op het terrein van de Sneekweek eerste hulp aan een vrouw die een epileptische aanval had. EHBO’ers die daar aanwezig waren, kregen argwaan en betrapten hem. De man reed in een gele Mercedes Sprinter die sterk op een ambulance leek. Op het voertuig stond het woord ‘Ambulance’ en de bus was voorzien van zwaailichten en een sirene. Zelfs echte ambulancemedewerkers, die later arriveerden, konden volgens het OM niet direct plaatsen wie de man was en in welke hoedanigheid hij optrad.
Juist dat maakt de zaak volgens justitie ernstig. De verdachte zou voertuigen hebben gebruikt die van een afstand nauwelijks van echte hulpdienstwagens te onderscheiden zijn. Daarmee zou hij bewust de indruk hebben gewekt dat hij bevoegd was om medische hulp te verlenen. Het OM vindt dat hij daarmee niet alleen de wet overtrad, maar ook het vertrouwen in echte hulpverleners heeft ondermijnd.
De verdenkingen tegen de Groninger reiken verder dan alleen het incident in Sneek. Zo zou hij onder meer een ambulance-uniform hebben gestolen en spullen van het Rode Kruis hebben verduisterd, waaronder portofoons, een AED en medische tassen. Ook wordt hij verdacht van heling van onder meer dameskleding.
Daarnaast zou de man de afgelopen jaren hebben beschikt over een vals politie-legitimatiebewijs en gebruik hebben gemaakt van sirenes terwijl hij daar geen toestemming voor had. Ook verdenkt het OM hem van het opmaken van valse verklaringen en ontheffingen. In een andere zaak zou hij zich als politieagent hebben voorgedaan na een ongeval op de Ring Groningen, waar hij verkeer regelde, een deel van de weg afzette en een officieel politiehesje droeg.
Verder wordt hem verweten dat hij zich in een voertuig dat sterk op een ambulance leek, heeft voorgedaan als ambulancebroeder terwijl hij daarvoor niet de juiste papieren had. In die rol zou hij ook medische hulp hebben verleend aan een vrouw die onwel was geworden bij een bushalte. Volgens de officier van justitie had dat ernstig verkeerd kunnen aflopen. In die situatie had volgens het OM eenvoudig professionele hulp kunnen worden ingeschakeld.
De officier noemde het handelen van de verdachte in de rechtbank niet alleen kwalijk, maar ook risicovol. Volgens justitie moeten mensen er altijd op kunnen vertrouwen dat zij bij politie, brandweer of ambulancepersoneel te maken hebben met echte professionals, herkenbaar aan officiële uniformen, legitimatiebewijzen en voertuigen. Door zich als hulpverlener voor te doen, zou de verdachte dat vertrouwen hebben beschadigd.
Volgens het OM laat de man bovendien nauwelijks inzicht zien in de ernst van zijn handelen. Hij zou in de rechtbank hebben volgehouden dat hij niets verkeerd deed en geen verantwoordelijkheid hebben genomen. Juist dat rekent justitie hem zwaar aan, omdat het volgens de officier gaat om bewuste misleiding, waarbij documenten, passen en verklaringen zouden zijn vervalst om mensen om de tuin te leiden.
Naast de gevangenisstraf eist het OM ook een ontzegging van de rijbevoegdheid en een beroepsverbod van vijf jaar. Als het aan justitie ligt, mag de verdachte in die periode geen handelingen verrichten in de individuele gezondheidszorg en ook geen werkzaamheden uitvoeren die zijn voorbehouden aan politie, ambulancepersoneel of brandweer.
De rechtbank Noord-Nederland doet op een later moment uitspraak in de zaak.
