De Hoeve – Het Openbaar Ministerie heeft de strafzaak tegen de gezagvoerder van de heteluchtballon die op 13 augustus 2025 betrokken was bij een fataal ongeval in De Hoeve geseponeerd.

Volgens het OM blijkt uit strafrechtelijk onderzoek dat de bestuurder geen schuld treft. Bij het ongeluk kwam één passagier om het leven en raakten meerdere anderen (zwaar)gewond.
Het ongeval gebeurde rond 21.00 uur aan de IJkenweg in De Hoeve, in de provincie Friesland. Tijdens de landing kreeg de ballon te maken met harde wind, waardoor passagiers uit de mand vielen. Na melding van het incident startte de luchtvaartpolitie een strafrechtelijk onderzoek. De gezagvoerder werd onder meer verdacht van schuld aan het verongelukken van de luchtballon, met dodelijke afloop en zwaar letsel tot gevolg. Ook werd gekeken naar mogelijk gevaarlijk gedrag in het luchtverkeer en een gebrekkige vluchtvoorbereiding. De verdenking was mede gebaseerd op de stevige wind tijdens de ballonvaart.
Uit het onderzoek komt volgens het OM echter een ander beeld naar voren. De windsnelheid tijdens de vaart bleek hoger dan vooraf bekend was en die ontwikkeling was volgens justitie niet voorzienbaar. De weersverwachtingen vormden op het moment van vertrek geen aanleiding om de vlucht af te gelasten. Ook andere ballonvaarders zouden die dag onder vergelijkbare omstandigheden zijn opgestegen. Tijdens een gezamenlijke briefing zag niemand reden om geplande vaarten te annuleren.
Daarnaast stelt het OM dat de door het KNMI afgegeven weersverwachtingen gedurende de geplande vlucht ruim binnen de toegestane grenzen vielen. Ook zijn er geen aanwijzingen gevonden dat de gezagvoerder tijdens de landing onzorgvuldig heeft gehandeld.
Volgens de onderzoeksbevindingen maakte de ballonvaarder juist een zorgvuldige afweging bij de keuze van het landingsveld en de uitvoering van de landing. Een eerdere poging om te landen werd door hem afgebroken, omdat het veld op dat moment door de windsnelheid te klein werd geacht voor een veilige landing. Verder bleek de ballon luchtwaardig te zijn, voldoende brandstof aan boord te hebben gehad en is niet vastgesteld dat de vluchtvoorbereiding tekort schoot.
Het OM concludeert daarom dat het ongeval niet is veroorzaakt door schuld van de gezagvoerder, maar door een noodlottige samenloop van onvoorzienbare omstandigheden. Justitie stelt dat de ballonvaarder achteraf bezien ten onrechte als verdachte is aangemerkt. De zaak is inmiddels geseponeerd en alle betrokkenen zijn daarvan op de hoogte gebracht.
